16
mei 2003
STAND VAN ZAKEN IN HET MEDIABELEID 2000-2004
Zondag kiest België een nieuwe federale regering. Die nieuwe regering kan een voortzetting van de huidige zijn, één met verschuiving van partijen of één met volledig andere accenten. Uiteindelijk maakt men bij verkiezingen ergens de rekening: die van het gemaakte of toekomstige verschil. Politici van een uittredende coalitie zetten dan meestal hun beste verdiensten op rij, de oppositie pakt uit met wat ze minder goede scores vinden. Heen-en-weer worden mekaars argumenten dan wat afgezwakt, politiek is uiteindelijk zowat een spel om beste aanbod.
De huidige premier, Guy Verhofstadt (VLD) maakte in de vorige verkiezingsstrijd de sterke belofte om het monopolie van de openbare radio te zullen doorbreken. Méér nog: er zouden zelfs binnen het jaar nieuwe landelijke zenders komen. Met die belofte nam de kandidaat-premier toen de handschoen op tégen de toenmalige CVP (nu CD&V) die al jaren beloofde het VRT-monopolie te doorbreken. Dat klonk hoopvol in de oren van medewerkers van de toen bestaande 343 lokale radio's: dergelijke beloftes gingen eerder steevast verloren in herhaalde verlengingen van bestaande vergunningen en blijvende discussie over een degelijk frequentieplan tussen de Vlaamse en Waalse Gemeenschap. Eind 1998 hadden de lokale radio's nog maar eens verlenging van de bestaande vergunningen gekregen, weer voor een periode van twee jaar. De verkiezingsbelofte voor 13 juni 1999 zou die periode met één jaar kunnen verkorten, er was dus hoop. Bovendien had het decreet van 7 juli 1998 een samenwerkingsverband voor ketenradio geregeld, door het monopolie van de VRT te doorbreken zou een échte concurrentie met ondertussen opgerichte commerciële VRT-zenders Studio Brussel en Radio Donna mogelijk gemaakt worden. Een terugblik op het beleid is te vinden onder onze rubriek "Dossiers".
i-redactie (HC)
De huidige premier, Guy Verhofstadt (VLD) maakte in de vorige verkiezingsstrijd de sterke belofte om het monopolie van de openbare radio te zullen doorbreken. Méér nog: er zouden zelfs binnen het jaar nieuwe landelijke zenders komen. Met die belofte nam de kandidaat-premier toen de handschoen op tégen de toenmalige CVP (nu CD&V) die al jaren beloofde het VRT-monopolie te doorbreken. Dat klonk hoopvol in de oren van medewerkers van de toen bestaande 343 lokale radio's: dergelijke beloftes gingen eerder steevast verloren in herhaalde verlengingen van bestaande vergunningen en blijvende discussie over een degelijk frequentieplan tussen de Vlaamse en Waalse Gemeenschap. Eind 1998 hadden de lokale radio's nog maar eens verlenging van de bestaande vergunningen gekregen, weer voor een periode van twee jaar. De verkiezingsbelofte voor 13 juni 1999 zou die periode met één jaar kunnen verkorten, er was dus hoop. Bovendien had het decreet van 7 juli 1998 een samenwerkingsverband voor ketenradio geregeld, door het monopolie van de VRT te doorbreken zou een échte concurrentie met ondertussen opgerichte commerciële VRT-zenders Studio Brussel en Radio Donna mogelijk gemaakt worden. Een terugblik op het beleid is te vinden onder onze rubriek "Dossiers".
i-redactie (HC)
- 87 keer gelezen
