HEBBEN RADIOJOURNALISTEN OOK AUTEURSRECHTEN?

Journalisten Auteursrechten Maatschappij verdedigt belangen van AV-journalisten

Journalisten die voor een krant of een tijdschrift werken, kunnen beroep doen op het auteursrecht om hun werken te beschermen. Daar bestaat al lang geen twijfel meer over. Maar hoe zit het eigenlijk bij hun collega's die voor de radio werken? Kunnen ook zij zich beroepen op het auteursrecht om de ongewilde verspreiding en bewerking van hun reportages of nieuwsitems tegen te gaan? De Journalisten Auteursrechten Maatschappij (JAM) kent het antwoord op deze vragen.

De auteurswet van 30 juni 1994 bepaalt dat journalisten die in de audiovisuele sector werken automatisch een groot deel van hun auteursrechten afstaan aan de producent. De wet heeft het zogenaamde beginsel van 'vermoeden van overdracht' aangenomen. Art. 18 luidt: "Behoudens andersluidende bepaling dragen de auteurs van een audiovisueel werk (.) het exclusief recht op audiovisuele exploitatie van het werk (.) over aan de producenten". Daarbij komt nog dat de meeste producenten hun journalisten een overeenkomst laten tekenen waarin de exploitatievormen staan waarvoor de auteursrechten worden overgedragen. De auteurswet bevat ook een bepaling dat de vergoeding van de auteur in verhouding zal staan tot de bruto opbrengsten van de exploitatie van zijn werk. Tenzij de auteur en de producent een andere overeenkomst tekenen. Toch wil dit alles niet zeggen dat een radiojournalist zich op geen enkele manier kan beroepen op het auteursrecht.

De meeste overeenkomsten met de producenten bepalen bijvoorbeeld dat het recht om het journalistieke product in boekvorm uit te geven bij de auteur blijft. Hetzelfde geldt voor de rechten in verband met merchandising, het doorverkopen van zijn producten aan derden en de verhuring of openbare uitlening van zijn werken. De auteurswet bepaalt ook dat het maken van particuliere kopieën van zijn werken en de transmissie ervan via het internet aan het auteursrecht onderworpen zijn. Als deze acties auteursrechtelijke vergoedingen zouden voortbrengen, dan is het de bedoeling dat de journalist daar een deel van krijgt. Auvibel is de maatschappij die instaat voor de inning van deze rechten voor de audiovisuele auteurs. Auvibel werd door de overheid met deze taak belast en is actief sinds 1995. Voorlopig is de JAM nog niet aangesloten bij Auvibel, maar de vereniging diende daarvoor wel een aanvraag in.

Meer informatie over deze materie kan je terugvinden op de website van de Journalisten Auteursrechten Maatschappij via www.jam.be

i-redactie (JT) - Bron: De Journalist (Nr. 66/jan. 2004) en eigen berichtgeving