Get Adobe Flash player
16
apr 2003

BILLIJKE VERGOEDING 'REKENT' NU OOK OP DE RADIO'S

De commissie hanteert opmerkelijke berekeningen die lokale radio's benadelen!DOSSIER: BILLIJKE VERGOEDING 'REKENT' NU OOK OP DE RADIO'S

Artiesten kunnen zich in de handen wrijven want op 9 april 2003 publiceerde het staatsblad een koninklijk besluit dat ook radio's verplicht om een billijke vergoeding te betalen. Sedert 30 juni 1994 genieten kunstenaars behalve auteursrecht ook naburige rechten: een billijke vergoeding voor het spelen van vooraf opgenomen muziek in een voor het publiek toegankelijke plaats. Vanaf 1999 wordt die vergoeding geïnd voor activiteiten 'met of zonder drank of dans', radio's vielen toen nog buiten die inning. Het uitgebreide dossier hieromtrent kan je terugvinden in onze 'Dossiers'-rubriek. Hieronder kan je een samenvatting van dit dossier terugvinden.

Op 10 februari 2003 besliste een commissie echter om ook voor radio's tarieven te bepalen. Zij baseerde zich daarvoor op een bepaling in de wet van 1994 die voorschreef dat 'indien er binnen zes maanden na de inwerkingtreding van de wet... geen overeenstemming is tussen de vennootschappen voor het beheer van de rechten en de organisaties die de vergoeding verschuldigd zijn, het bedrag bepaald wordt door een commissie'. Deze commissie is samengesteld door personen uit de activiteitssectoren en wordt voorgezeten door een vertegenwoordiger van de bevoegde minister (economie).

De publicatie in het Staatsblad op 9 april was dus de bekendmaking van de beslissing van deze commissie, die daardoor ook bindend werd voor derden. De vorige minister (Marc Verwilghen) minister had deze beslissing niet doorgevoerd, de huidige (Charles Picqué) deed dat wel. Voortaan moeten radio-omroepen dus ook een billijke vergoeding betalen voor 'uitzending van fonogrammen (elke sonore vastlegging van geluiden die van een vertolking of van andere geluiden). Er zijn slechts twee uitzonderingen: schoolradio's en uitzendingen die een vergoeding van de luisteraars ontvangen zijn vrijgesteld van betaling van de vergoeding. Dat is opmerkelijk maar het koninklijk besluit heeft nog meer frappante beslissingen. Zo wordt de benaming 'gemeenschapsradio' gebruikt (nationale en landelijke omroepen), en daarmee gelijkgesteld 'het uitzenden ment minstens twee zenders onder een identieke benaming, operatie onder hetzelfde merk of benaming, via franchise, samenwerking of diensten'. Netwerken worden dus meteen gelegaliseerd en zelfs evenwaardig aan zenders van de VRT, Q Music of 4FM! Dat betekent niet meer of minder dan een legalisatie van de netwerken.

Bovendien bepaalt het koninklijk besluit dat de bijdrage berekent wordt op basis van de CIM luistercijfers. Niet alle radio's zijn echter opgenomen in deze CIM cijfers. De commissie bepaalde echter dat in dit gaval een forfait wordt toegepast. Vooral de sector lokale radio zal zo'n forfait aangerekend krijgen: slechts 23% van de Vlaamse radio's waren namelijk in de CIM cijfers opgenomen! Het gebruik van niet-volledige luistercijfers voor berekening van de billijke vergoeding is op zich al markant, net als de beslissing om deze CIM cijfers als definitieve waardebron te nemen. Zoals bekend zijn er nog discussies over aanpassingen van bepaalde groepen in de dagboeken. De studie van het CIM geeft trouwens enkel een aanwijzing in verkoop van reclame. De commissie verbreedt de waarde en bedoeling van die cijfers met het KB van 9 april 2003, het is de vraag of dit zomaar kan.

Tenslotte wordt de vergoeding ook berekend op de bruto inkomsten van de radio: dat zijn alle inkomsten uit subsidies, dotaties, toelagen, bruto reclame, sponsoring, giften en bijdragen. Dat de commissie inzage krijgt in de financiële middelen van radio's is op zich al opmerkelijk. De berekening van de vergoeding is dat zeker ook want die gebeurt per schijven van inkomsten, daarbij wordt de laagste schijf hoger belast ten opzichte van de inkomsten als de hogere schijven. Aangezien de meeste lokale radio's in die laagste schijf zullen vallen (€ 0 tot € 750.000) betalen zij dus procentueel ook meer dan de grotere radio's. Wie trouwens zou denken dat men die informatie eenvoudig kan achterhouden moet wel rekening houden met een forfaitaire aanslag op basis van € 308.471 per net! De berekening van de vergoeding naar de luistercijfers toe wordt eveneens goedkoper naargelang men meer luisteraars heeft. Aangezien lokale radio's echter meestal in de laagste schijf van luistercijfers zullen vallen (minder dan 30.000) betalen ze ook hier procentueel meer dan de grotere stations.

De Vlaamse Radio Federatie vzw en Vevora vzw schreven op 21 februari naar de Commissie Naburige Rechten bij het Ministerie van Economische Zaken om hun bezwaren kenbaar te maken. Volgens beide verenigingen wordt lokale radio door het besluit van de commissie gediscrimineerd. Om dezelfde redenen kondigden zij nu aan een vernietiging van het koninklijk besluit te zullen vragen bij de Raad van State binnen de voorgeschreven termijn van 60 dagen. Bovendien zullen zij klacht indienen bij de Raad voor de Mededinging en het Directoraat voor de Competitie van de Europese Commissie.

i-redactie (HC)